Biografieën – Mythische vrouwelijke voorouders

Voor algemene bronnen klik hier. Voor bronnen over mythische voorouders zie ook het gelijknamige deel onder Literatuur. Waar relevant, worden bij de levensbeschrijving van de voorouder specifieke bronnen genoemd.

Prajnaparamita

Prajnaparamita betekent wijsheid voorbij alle wijsheid, de dingen zien zoals ze werkelijk zijn. Het is de herkenning dat de dingen open zijn en geen eigen onafhankelijk bestaan hebben. Vanuit prajnaparamita wordt de werkelijkheid gezien zoals ze is, en tevens wat ik er vervolgens van maak met concepten en een verhaal eromheen.
Het begrip prajnaparamita wordt ook wel gepersonificeerd als een godin. Ze wordt de Moeder van alle Boeddha’s genoemd. Want vanuit prajnaparamita, het herkennen van ‘vorm is leegte, leegte is vorm’ worden – volgens het Mahayana boeddhisme – alle boeddha’s geboren.

  • De moeder van de Boeddha’s, Lex Hixon, 1993
  • The Heart Sutra – Red Pine, 2004

Maya

Maya is de moeder van Siddhartha, de latere Boeddha. Ze behoorde tot de clan van de Koliya’s. Het gebied van de clan was gelegen in het zuiden van het huidige Nepal. Evenals haar oudere zus Pajapati  was ze getrouwd met Suddhodana, de leider van de Sakya’s. Het land van de Sakya’s en de Koliya’s grensde aan elkaar, slechts gescheiden door een rivier.

Na twintig jaar huwelijk en nog steeds kinderloos, krijgt Maya een droom over een witte olifant die drie maal om haar heen loopt met een lotusbloem in zijn slurf. Vervolgens glijdt de olifant via haar rechterzij in haar baarmoeder. Aangezien een olifant het symbool van grootsheid was, wist Maya dat ze een kind zou baren dat van grote invloed zou zijn.
Ze wordt zwanger en het kind wordt geboren uit haar rechterzijde.

Geboorte van de Boeddha

Echter, zeven dagen na de geboorte van haar zoon overlijdt Maya, waarna ze overgaat naar de Tusita hemel. Zeven jaar na Boeddha’s ontwaken gaat ze over naar de Tavatimsa hemel, de hemel van de Drieëndertig Goden en Bodhisattva’s. De Boeddha bezoekt zijn moeder daar gedurende drie maanden om haar te onderrichten over de Abhidhamma. 

De Mahamaya soetra is aan haar gewijd. Hierin wordt onder meer verteld dat Maya het lichaam van haar zoon nog één maal wil zien als ze hoort dat hij overleden is. Als ze de doodskist opent komen er duizend lichtgevende verschijningen van de Boeddha tevoorschijn, en Maya en haar zoon worden verenigd.
Daarnaast komt Mahamaya ook voor in de Avatamsaka soetra waar ze de 41e leraar is van de hoofdpersoon Sudhana die bij 52 leraren langs gaat op zijn pelgrimstocht.

Srimala

Koningin Srimala leefde ten tijde van de boeddha en was getrouwd met koning Yasomitra. Ze is de hoofdpersoon in ‘De soetra van de Leeuwenschreeuw van koningin Srimala’, een van de eerste Mahayana soetra’s. Deze soetra beschrijft dat haar ouders – koning Prasenajit en koningin Mallika – Srimala een brief sturen waarin ze haar verzoeken de Dharma te bestuderen. Srimala mediteert op de Boeddha. Vervolgens geeft ze in zijn aanwezigheid op uitmuntende wijze onderricht over het principe van tathagatagarbha: de inherente mogelijkheid tot ontwaken die alle levende wezens bezitten, inclusief vrouwen. De Boeddha verklaart dat zij in de toekomst een boeddha wordt.

Tara

Haar naam is afgeleid van het Sanskriet tri wat duidt op zwemmen, en in overdrachtelijke manier het zwemmen naar de overkant, verlichting te bereiken. Tara is degene die anderen helpt om naar de overkant te komen. Er zijn veel legendes over haar. Zo zou ze ontstaan zijn uit de tranen van Avalokiteshvara, de bodhisattva van mededogen.

Heel lang geleden was Tara een prinses die ‘Maan van Wijsheid’ heette. De maan staat symbool voor de wijsheid van de nacht en zou wijzen op voor-boeddhistische culturen waarbij matriarchale en sjamanistische elementen een belangrijke rol spelen.
Volgens de legende brengt Maan van Wijsheid altijd offers aan de Boeddha en krijgt ze speciale instructies van hem over het opwekken van bodhicitta, grenzeloos mededogen. Een aantal monniken adviseren haar om te bidden dat ze herboren wordt als man, zodat ze tot volledig ontwaken kon komen.
Maar Maan van Wijsheid laat weten dat alleen dwazen het vrouw-zijn als belemmering zien voor het bereiken van  verlichting. Het vasthouden aan mannelijk en vrouwelijk is een illusie. Vervolgens belooft ze dat ze altijd herboren zal worden als vrouw om anderen te helpen, totdat samsara er niet meer is, totdat alle leed en onwetendheid uitgeblust zijn.

Ratnavati

Soms wordt ze ook wel Ratnadatta genoemd. Haar naam betekent Juweel van Brokaat en ze was de dochter van de drakenkoning, leider van de Naga’s. Naga’s zijn bovennatuurlijke wezens met gedeeltelijk menselijke en gedeeltelijk slangachtige kenmerken. Hun rijk met paleizen en prachtige juwelen bevindt zich onder water. Naga’s worden gezien als schatbewaarders, en worden geëerd om hun wijsheid en kracht. Volgens de boeddhistische legende werden de Prajnaparamita teksten vele eeuwen lang bewaard door de naga’s. 

Ratnavati komt voor in de Sagaranagaraja soetra, het soetra van de Drakenkoning van de Oceaan. Hierin wordt verteld hoe de Boeddha samen met een aantal leerlingen bij de Naga’s is om hen te onderrichten. De hele gemeenschap is toegestroomd om naar de woorden van de Boeddha te luisteren. Op een gegeven moment heeft  Ratnavati een discussie met Mahakashyapa, een van Boeddha’s leerlingen, die beweert dat zij niet tot ontwaken kan komen omdat ze een vrouw is. De jonge vrouw laat hem echter weten dat het boeddhaschap aanwezig is bij iedereen met een lichaam en geest gericht op ontwaken. Hiervoor is het niet nodig om het lichaam van een man te hebben. Ze legt hem uit dat zijn denken over mannen en vrouwen niets van doen heeft met verlichting. De Boeddha bevestigt haar, en prijst haar heldere inzicht.

Vrouwelijke naga (Foto:Buddhistdoor Global)

Prabhuta

Prabhuta is de dertiende van de tweeënvijftig leraren in de Avatamsaka Soetra waar de pelgrim Sudhana langs gaat om een antwoord te krijgen op zijn vraag ‘wat is verlichting?’. Ze is een intelligente jonge vrouw die zeer toegewijd is aan de dharma. De soetra beschrijft haar als iemand met een stralende schoonheid die grote beheersing heeft over haar geest en door iedereen gezien wordt als een leraar. Wonend middenin de stad in een prachtig huis met 10.000 vrouwelijke metgezellen deelt ze eindeloos heerlijk voedsel, lekkere drankjes, kleding, geurige bloemen en prachtige juwelen uit afgestemd op de mensen en talloze andere wezens die toestromen. Alleen al de geur die van Prabhuta en de andere vrouwen afstraalt, bevrijdt ieder van kwaadaardigheid, jaloersheid, depressieve gevoelens en stress. Het vat waaruit ze iedereen van haar gaven voorziet is onuitputtelijk. Kenmerkend is haar ongelofelijke gulheid.

Sinha Vijurmbhita

De naam Sinhavijurmbhita betekent Uitgestrekt Liggende Leeuw en staat voor de onvermoeibaarheid van deze non in het onderrichten van toewijding en bevrijding. Ze komt voor in het Avatamsaka Soetra als een van de leraren waar de pelgrim Sudhana langs gaat met zijn vraag ‘wat is verlichting?’.  Sinhavijurmbhita woonde in de stad Kalingavana. Sudhana gaat bij haar langs om de beoefening van de bodhisattva te leren. In het park van Kalingavana ziet hij een eindeloze pracht, waaronder bomen met stromen van veelkleurige bloemen, bomen beladen met altijd rijp zoet fruit, bomen van muziekinstrumenten die zoete muziek voortbrengen en bomen die de lucht parfumeren met hun geuren. Onder deze bomen staan prachtige leeuwenzetels.

Op al deze zetels zit Sinhavijurmbhita, kalm, onbevreesd als een leeuw en onwrikbaar als een berg. Onder iedere boom zit een ander gezelschap met verschillende wezens zoals godinnen, goden, vogels, en bodhisattva’s en al deze groepen onderricht ze op een eigen, passende manier om hen tot ontwaken te brengen. Als Sudhana haar vraagt hem de beoefening van een bodhisattva te leren, zegt ze dat het gaat over het verwijderen van alle versluierende voorstellingen. Ontwaken is aanwezigheid die overal in doordringt zonder ook maar iets tot concept te maken.